Naar inhoud

Herontwikkeling Havenkwartier Deventer

Niet te veel toetsen en plannen

Ze gingen van 3 naar 300 ontwikkelaars en van vastleggen naar loslaten: het Havenkwartier in Deventer wordt nu organisch ontwikkeld volgens het Vlaamse model – mét behoud van de robuuste, anarchistische sfeer van de oude haven.

Zelfbouw in het Havenkwartier - “Wat hier gebouwd wordt willen we nergens anders zien.” Foto: Erwin Zijlstra
Zelfbouw in het Havenkwartier - “Wat hier gebouwd wordt willen we nergens anders zien.” Foto: Erwin Zijlstra

Toen de 100 jaar oude binnenhaven steeds minder gebruikt werd en gebouwen in verval raakten, kwam er een ambitieus masterplan voor de grootschalige herontwikkeling van het gebied door 3 ontwikkelaars. Maar toen hun plan voor 1300 nieuwbouwwoningen in duigen viel wegens kosten, vergunningsproblematiek en weerstand uit de buurt, besloot Deventer het over een andere boeg te gooien. De gemeente begon gebouwen beschikbaar te stellen voor kunstenaars en creatieven. Het was de kiem voor een nieuwe aanpak, die veel meer kans van slagen bleek te hebben. In 2008 werd een prijsvraag uitgeschreven voor een nieuw plan voor de haven, die gewonnen werd door WeLoveTheCity, gespecialiseerd in participatieve stadsontwikkeling. 

Vlaamse aanpak

Andries Geerse van WeLoveTheCity – inmiddels supervisor van het gebied – was er vanaf het begin bij. ‘Wij zeiden: vergeet Hollands ontwikkelen, ga het op de Vlaamse manier doen.’ Dat betekent afstappen van de Nederlandse planmatigheid, waarbij de grote ontwikkelaars eerst de begroting rond krijgen en vooraf vastleggen wat er over 10 jaar gerealiseerd zal zijn. Geerse: ‘We zijn van 3 naar 300 ontwikkelaars gegaan: kleine ondernemers en particulieren, Deventenaren die bouwen voor eigen gebruik. Er is geen vaste opleverdatum, en we zijn ook niet bij het geld begonnen, maar bij gebruikers met goede plannen. Daar zoeken we vervolgens geld bij. En als dat lukt, kan er weer wat ontwikkeld worden.’

"We zijn van 3 naar 300 ontwikkelaars gegaan"

Poor but Sexy

Door deze aanpak ontwikkelt het gebied zich organisch, met kleine stapjes, en met respect voor wat er al is. In het nieuwe ontwikkelingsplan vind je niet de standaard stedenbouwkundige uitgangspunten, maar vijf breed geformuleerde ambities: erfgoed als inspiratiebron, ontdekking van de haven, gewild wonen, werken in de stad en vrijplaats voor ideeën. Ook het beeldkwaliteitsplan is anders dan anders. ‘Wat hier gebouwd wordt, willen we nergens anders zien,’ aldus Geerse. ‘Er wordt nu bijvoorbeeld een gebouw van papier gemaakt. Utilitair en eerlijk, helemaal in de stijl van het anarchistische haventerrein. We hebben hier gelukkig geen jaren dertig ellende, die houden we met succes buiten de deur.’ Om dat mogelijk te maken, gaf de welstandscommissie de toetsing van de plannen voor de eerste 10 jaar over aan Geerse. ‘Zo hebben we alles op zijn kop gezet, dit is een totaal nieuwe manier van een stad maken. We noemen het zelf “poor but sexy”.’

Grijze silo voorzien van opvallende verlichting.
Grijze silo voorzien van opvallende verlichting.

Eigenaarschap

Inmiddels wordt zichtbaar dat de gekozen aanpak werkt. Er gebeuren bijzondere dingen met het erfgoed in de haven, en ook met de nieuwbouw eromheen. De twee silo’s – bakens van het gebied – zijn na aankoop door de gemeente doorverkocht aan ondernemers en particulieren. Die hebben zelf geïnvesteerd in de restauratie en herbestemming tot food court en slimme en duurzame woning. Dat eigenaarschap is belangrijk voor het slagen van het project, en het behoud van het karakter, zegt Geerse. ‘De gemeente heeft zijn nek uitgestoken met een grote eerste investering, die ze niet per se willen terugverdienen. In plaats van mensen de huur op te zeggen zodra zich een grote investeerder aandient, krijgen zij de kans om hun pand zelf te kopen zodat ze er ook zelf in gaan investeren.

Oud geld

WeLoveTheCity zoekt ondertussen actief naar nieuwe kleine investeerders om aan alle goede ideeën te verbinden. ‘Er is in deze oude Hanzestad veel oud geld, we hebben verschillende families zover gekregen om in te stappen. Steeds als het geld op is, is het even afwachten waar het nu weer vandaan gaat komen. Soms is het een tijdje stil. Nu de gemeente zich meer terugtrekt, is er een regel bijgekomen: iedereen die hier iets wil ontwikkelen moet ook bijdragen aan de openbare ruimte. Maar nu het begin er is, gaat het veel gemakkelijker, er is nu weer veel animo.’

“Zorgvuldig omgaan met erfgoed gaat niet alleen over losse monumenten, maar ook om het behouden van het karakter van een heel gebied. Dat is in het Havenkwartier goed gelukt.”

Frank Buchner, Programmaleider Transformatie in de Stad en in Krimpgebieden, RCE

 

Contact

Hoofdkantoor van de Rijksdienst voor het Cultureel ErfgoedInfodesk

voor algemene vragen

info@cultureelerfgoed.nl 033-4217456