Naar inhoud

De Koloniën van Weldadigheid, een herkenbare uitstraling

Van pauper tot gedisciplineerde arbeider

Na meerdere verloren oorlogen staat de economie van het Koninkrijk der Nederlanden (Nederland, België en Luxemburg) er in 1818 slecht voor. Er zijn heel veel armen die grotendeels aan hun lot worden overgelaten. Oud-officier Johannes van den Bosch trekt zich het lot van deze paupers aan en richt de Maatschappij van Weldadigheid op. Onder andere wezen, bedelaars, zwervers en prostituees kunnen gaan werken in één van de Koloniën van Weldadigheid. Deze gemeenschappen maken woest en onvruchtbaar land geschikt voor agrarisch gebruik. In deze landbouwkoloniën, deels ook strafkoloniën, werden kolonisten gedisciplineerd door arbeid, scholing en morele vorming.

Schilderij van Johannes van den Bosch

Crowdfunder avant la lettre

De Koloniën van Weldadigheid zijn tot stand gekomen door crowdfunding. Het is daarmee een zeer vroeg voorbeeld van deze tegenwoordig populaire manier van financieren. Van den Bosch weet welgestelde medeburgers te overtuigen geld in de Maatschappij van Weldadigheid, het ‘bedrijf’ achter de koloniën, te steken. In korte tijd staat de teller op twintigduizend donateurs die de Maatschappij met een maandelijkse bijdrage steunen. (Foto: Rechtenvrij)

Twee zwartwit afbeeldingen van een man. Een vooraanzicht en één van het profiel

Vrije en onvrije koloniën

In korte tijd richt de Maatschappij van Weldadigheid vijf koloniën op. Twee daarvan zijn voor de armen die vrijwillig voor het koloniebestaan kiezen: Frederiksoord (1818, (inclusief Willemsoord, Wilhelminaoord en Boschoord) en Wortel (1822). De mensen die niet willen, zoals bedelaars en landlopers, worden gedwongen te verhuizen naar de onvrije koloniën. Zij komen terecht in Ommerschans (1819), Veenhuizen (1823) en Merksplas (1825). In grote gestichten staan deze ‘verpleegden’ continu onder bewaking, in feite zijn het gevangenen. (Foto: Rechtenvrij)

zwartwit foto van een zogenaamde kolonistenwoning met rietendak

Leven in een utopisch landschap

De Koloniën zijn een utopisch landschap, waarin geheel nieuwe ideeën over armoedebestrijding in de praktijk werden gebracht. Kansloze gezinnen konden door arbeid, godsdienst en onderwijs goede burgers worden. Kinderen gaan er vanaf hun vijfde jaar elke dag naar school, nog voor de invoering van onderwijsplicht in Nederland. De afgelegen koloniën zijn zelfvoorzienend. De ‘kolonisten’ beschikken over voedsel, spullen voor in huis, scholen, kerken en een geld- en zorgsysteem. (Foto: Rechtenvrij)

Vooraanzicht van een woning met opschrift Opvoeding

Mislukking én succes

Is het project van Johannes van den Bosch en de zijnen geslaagd? Veel mensen op kleine oppervlaktes maakte de kolonisten kwetsbaar voor besmettelijke ziektes. En de kans om de schulden af te lossen en terug te keren in de maatschappij is zeer klein. Voor veel mensen betekent het kolonieleven wanhoop, verdriet en schaamte. Daar tegenover staat dat de koloniën aan de basis staan van uiteenlopende wetten en instellingen die het leven van de armen enorm hebben verbeterd. Denk hierbij aan de gebieden wonen, gezondheid en onderwijs. (Foto: Rechtenvrij)

Voorzijde van het detentiecentrum Merkplas

Al bijna 200 jaar straflocatie

In de 20e eeuw worden Veenhuizen en Merksplas officiële gevangenissen. De strafinrichting van Merksplas is vanaf 1825 een kolonie voor bedelaars en landlopers. Na de Tweede Wereldoorlog veranderde deze onvrije kolonie in een halfopen gevangenis. Nu is het een gesloten inrichting voor mensen die zijn veroordeeld. In de Penitentiaire Inrichting (PI) Veenhuizen zitten ook nog gedetineerden vast. (Foto: John Scholte, CC BY-SA 4.0)

Zicht op de ommerschans vanaaf de brug

Fysieke sporen uit het verleden

Van de Koloniën van Weldadigheid zijn talloze fysieke sporen te vinden in het landschap. Voorbeelden zijn afwijkende bebouwing van de inrichtingen en de kaarsrechte wegen om goed toezicht te kunnen houden op de boerderijen. Daarnaast zijn er kerken, synagogen, begraafplaatsen en de grachten om de onvrije koloniën. (Foto: Rechtenvrij)

Zijkant van de kapel van Merkplas

Genomineerd als werelderfgoed

De Koloniën zijn zo speciaal dat ze in aanmerking komen om werelderfgoed te worden. De bijzonderheid komt tot uiting in de cultuurhistorische en landschappelijke kwaliteiten van de gebieden. Het nominatiedossier is in januari 2017 bij de UNESCO ingediend, samen met België. (Foto: Rechtenvrij)