Naar inhoud

Behoud en versterking van de Grebbelinie

Van aanleiding tot resultaat

Bewogen geschiedenis verborgen in het groen

Kazematten, forten, kades, inundatievelden, wegen, schansen en sluizen en zo meer. In het landschap van de Gelderse vallei sluimeren nog talloze sporen van de 60 kilometer lange Grebbelinie. Een verdedigingslinie met zowel een bewogen als tragische geschiedenis.

Gerestaureerde loopgraaf
Gerestaureerde loopgraaf (foto: Arjan Vrieze, tracesofwar.nl)

Aangelegd als waterlinie in de 18de eeuw, maar nooit succesvol als dusdanig gebruikt, vormde de linie onder de naam Valleistelling de hoofdverdediging van het Nederlandse defensieplan. Het leger verloor al na een paar dagen aan bloedige gevechten de Slag om de Grebbeberg. In de jaren daarna nam de natuur de overhand en bedekte de militaire herinneringen met een dikke laag groen.

Grebbelinie boven water

De overwoekerde Grebbelinie kreeg in de loop van de jaren een extra betekenis als ecologische structuur. Maar ook het belang van de militaire geschiedenis in de Gelderse Vallei bleef niet onopgemerkt. In 2006 publiceerde provincie Utrecht de gebiedsvisie De Grebbelinie boven water. Op 18 april 2011 werd de Grebbelinie - de hoofdverdedigingslijn en de militaire objecten – officieel een rijksmonument, vanwege de unieke staalkaart van verdedigingswerken. Inmiddels zijn vele van deze werken weer zichtbaar gemaakt en zetten diverse partijen zich in om de juiste balans tussen cultuurhistorie, natuurwaarden en recreatie te borgen.

De Grebbelinie: het grootste aaneengesloten openluchtmuseum over de landsverdediging van Nederland.’

2 provincies, 12 gemeenten

Bestuurlijk gezien doorkruist de Grebbelinie de provincies Gelderland, Utrecht en twaalf gemeenten; Rhenen, Wageningen, Veenendaal, Ede, Utrechtse Heuvelrug, Renswoude, Woudenberg, Scherpenzeel, Leusden, Amersfoort, Nijkerk en Bunschoten. Zoveel overheden, zoveel plannen. Hoe kunnen de bestuurlijke organen de waarden van het Grebbelinielandschap borgen, bij de toepassing van afwijkings- of wijzingsbevoegdheden in vigerende bestemmingsplannen?

‘Het inpassingsplan is hier als vriendschappelijk middel ingezet en op verzoek van de betrokken gemeenten opgesteld.’

Inpassingsplan als hulpmiddel

Inge Huisinga (provincie Utrecht): ‘Voor een complexe opgave als deze moet je een lange adem hebben. Na een zoektocht kwamen we uit bij het inpassingsplan. Het belangrijkste argument om een inpassingsplan voor de Grebbelinie op te stellen - in plaats van 12 afzonderlijke gemeentelijke bestemmingsplannen - is het bovenlokale karakter van bescherming en instandhouding van de Grebbelinie. Door het opstellen van een inpassingsplan kunnen wij de uniformiteit van regelgeving waarborgen. Waar een provincie dit meestal gebruikt als noodmaatregel als zaken dreigen vast te lopen, is het hier juist als hulpmiddel ingezet en op verzoek van de betrokken gemeenten opgesteld.’ Inmiddels is het inpassingsplan succesvol in gebruik.